Cedar Gallery


Cedar info  |   Nieuws   |  Educatie  |   Links   |  Vriend/Donateur   |  Contact | Engels

 

 

Kunstenaars

Architectuur

Boeken

Design

Films

Fotografie

Letters

Schilderijen

Bomen

Religie

Thema's

China

Japan

Rusland

 

 

                                                                                                                                                                      

                                                                                                                                                                               

verre kusten
 

                                                                                                                                                             

De bekoring en verleiding van verre kusten. Exotische of geheimzinnige oorden.
Heimwee, nostalgie. Komen en gaan...

Een van de gedichten uit  'Tussen steen en bamboe' begint met de volgende strofen:

Het oosten heeft een kort geheugen,
de witte mieren en het vocht
vernietigen de overtocht
van toen naar nu, van schijn tot leugen.

 Er is geen voerstap die beklijft,
geen mens laat in de tropen sporen,
hij sterft om nooit meer van te horen;
geen daad die rest, geen naam die blijft.

Willem Brandt

 

Lofoten

Lofoten is een grillige eilandengroep voor de kust van Noorwegen in de provincie Nordland.

Deze eilandengroep is vooral bekend vanwege zijn rijke visserijtraditie. Lofoten maakt ondanks zijn gesoleerde ligging toch een welvarende indruk. De hele economie van Lofoten draait om de visserij en het toerisme, in de zomer. Het beeld van Lofoten wordt vooral gedomineerd door houten rekken met kabeljauw die hangt te drogen. Al eeuwenlang is de Lofotenvisserij een begrip. Hartje winter varen de schepen uit om in een bestek van een paar maanden hun slag te slaan. De rijke visserijgronden rond Lofoten zijn te danken aan de koude stromen van de Noordatlantische Oceaan rond de eilanden waarin de vissen hun paaigronden hebben. Tegenwoordig ziet men echter ook hier en daar zomerhuisjes oprukken van onthaastende Noren uit de steden. Een van de bekendste plaatsen op de Lofoten is Leknes.
Foto: Vagakallen, gemaakt door Sondrekv

Bron: Wikipedia, de vrije encyclopedie

 

Nyksund

Kilometers lang is er niemand te zien. Een onverharde weg met kuilen leidt in de mist naar wat eens de beste visgronden ter wereld waren. Wat de vissers van het dorp Nyksund en omgeving vingen, was legendarisch. In het voedselrijke en ondiepe water paaiden 's winters miljoenen vissen. Veel huizen werden in de krappe haven dicht op elkaar gebouwd om onderdak te bieden aan de vissers die de tonnen kabeljauw verwerkten. Vlak na de Tweede Wereldoorlog moeten er hier zo'n 900 vissers hebben gewoond, in slechts enkele tientallen huizen.
Eind jaren vijftig kwam hierin verandering. De steeds groter wordende vissersschepen konden het haventje niet meer in. Toen zij hun lading niet meer hier, maar verderop gingen lossen, was het met het bestaan van de mensen in Nyksund gedaan. Het haventje ontvolkte. Bewoners trokken weg, steigers vermolmden, huizen vervielen.
Karl Heinz Nickel belandde hier in 1986 toen hij op zoek was naar stilte. Hoewel Nyksund een spookdorp was geworden, werd het ook een beetje de droom van Karl Heinz. De serene rust die er heerste maakte, dat hij hier wou gaan wonen. In 1998 kocht hij een van de wegrottende panden aan de haven en maakte er een sfeervol hotel van, met slechts enkele kamers.
Vrienden hebben Nyksund bezocht, toen Karl Heinz hier het hotel bezat en er verder nog weinig was opgeknapt. Het was toen een plek waar je helemaal tot jezelf kon komen, een plek, om niet meer weg te willen. Helaas is het inmiddels veranderd in een minder meditatief, meer toeristisch oord.
De foto's hieronder geven een beeld van Nyksund, een dorp op palen, dat slechts door een paar hoge rotsen wordt beschermd tegen de zee en met glashelder water. Vervallen (en inmiddels verloren) romantiek...

 

 

De haven

Wat lokt mij, dromer, 's avonds naar de haven,
in 't voorjaar, als de merel kweelt en fluit?
Vindt daar mijn armoede onvermoede gaven,
zoekt daar mijn weemoed dagelijks zijn buit?

Ik weet het niet. Maar zoals in den morgen
mijn stap zich richt naar 't bruine voorjaarswoud,
waar mijn oog alles wat nog is verborgen
aan bottend groen vermoedt en reeds aanschouwt;

z, als de zonn'ge dag begint te kwijnen,
en schemert vr mijn ogen kleurenmoe,
ga ik naar u, o haven, in het schijnen
van 't late licht als naar een schuilplaats toe.

Want elk geluid heeft hier een vreemd bekoren:
't gedruis van ijzer op arduinen steen,
het beiaardspel in eeuwenoude toren,
der verre schepen klagende sireen;

het zijn l klanken van n stem die spreken
komt tot het hart door heimwee overmand,
terwijl ik droom van overzeese streken,
als ware ik vreemdling in mijn eigen land.

Hoe kan wie rust zoekt bij dit noden rusten?
Een kleine boot, die 't krijsend anker licht,
voert me in verbeelding naar de verre kusten,
naar nieuwe mensen en een blijder licht.

De avondster pinkt aan blank-bewolkten hemel,
waar 't rode licht tot gele strepen kromp;
ginds werpt een schip op 't dansend golfgewemel
de zwarte schaduw van zijn zwarten romp.

Is dit het uur niet om vaarwel te zeggen
aan alles wat me aan lieflijkheid omringt,
en zacht het hoofd in de open hand te leggen,
even ontroerd voor 't sein der afreis klinkt?

Als dan de nacht daalt en van duizend meeuwen
de laatste nog langs 't grauwe water scheert,
dan klinkt zo droef haar angstig, eenzaam schreeuwen
als van wie, dolend, rust en vrede ontbeert.

Gekooide vogel slaat langs gulden staven
Iin lentetijd ter vlucht zijn vlerken uit;
z mijn verlangen, 's avonds aan de haven,
in 't voorjaar als de merel kweelt en fluit.

Jan van Nijlen


Henk Veenstra


 

VERHAAL VAN HET STRAND

Paradijs van talloosheid en van de dood:

kwallenlijken, schelpen, krabbenpoten.

Een plenzende zon die onze blik verwijdt,

gevallen sterren droogt, de daagse oogst

aan vel tot hemd van Venus verft. Hier


ploegen wij door mulle lagen tijd,

het strand verkavelend tot volgeboekt,

obese kuilen scheppend en babelse belforts

bakens voor de jutterhanden van het water,


later. Blote nimfjes bakken taart en geven

rondjes water weg. Nee, er is niets nieuws

onder de zon: de dag knarst van het zand,

topless blank de duinen, de horizon

krek waterpas en al ons doen en laten staat

weer mooi in zand geschreven


Inge Boulonois

top | vorige