Cedar Gallery


Cedar info  |   Nieuws   |  Educatie  |   Links   |  Vriend/Donateur   |  Contact | Engels

 

 

Kunstenaars

Architectuur

Boeken

Design

Films

Fotografie

Letters

Schilderijen

Bomen

Religie

Thema's

China

Japan

Rusland

 

 

 

    

Russische verhalen

Verhalen vertellen (en beluisteren) is waarschijnlijk de oudste vorm van vermaak die de mensheid kent. Op onze reizen merkten we dat er in veel landen nog steeds een traditie bestaat van verhalen vertellen. Volksverhalen of vertellingen blijven boeien.
Mijn onderdeel 'Russische verhalen' bestaat voornamelijk uit mijn eigen korte verhalen over reizen door Rusland. Maar af en toe voeg ik ook zo'n pareltje uit Rusland toe.
A.W., maart 2019
Engelse versie/English version: http://www.cedargallery.nl/engrussia_stories.htm  

Foto's: Cees & Aly Wagenvoorde
©PAM PHOTOS

©.All Rights Reserved. NO!- Neither Facebook and Instagram nor any other visitor may use my name or any of my content without my permission.
     You can contact me at   cedars@live.nl

Onderwerpen:

Baba Jaga  -  Blini  -  Fernweh  -  Boris Godoenov  -  Jekaterinenburg  -  Moskou I  -  Peter en de wolf  -  Posad  - 
Sergiev Posad 1  -  Sergiev Posad II  -  Suzdal I  -  Suzdal II  -  USSR  -  Vladimir  -  Michael Vroebel

- - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - - -
 

Moskou (1), aug. 2008

Nu denkt iedereen bij Rusland gelijk aan Vladimir Poetin. Soms lijkt het wel alsof Rusland met deze machtige man vereenzelvigd wordt. Een beetje overdreven, wanneer je alleen al maar kijkt naar de enorme omvang van het Russische Rijk. Het is zo'n uitgestrekt land, met een zo boeiend verleden. En het heeft de wereld veel gebracht op het gebied van bijv. muziek, literatuur en kunst. Denk maar aan de schrijvers Dostojevski, Tsjechov of Tolstoj. Of de beroemde componist Tsjaikovsky. Ik denk dat wie Rusland vereenzelvigt met Poetin het land geen recht doet.
Grote leiders heeft het echter wel altijd gehad. Waren het niet de tsaren, dan waren het wel de communistische leiders. In 2008 kwamen we de twee meest bekende tegen, vlakbij het Rode Plein. Vladimir Iljitsj Lenin (1870-1924),die in 1917 de macht greep. Hij wilde eigenlijk het leven van de kleine boeren en arbeiders verbeteren, maar duldde weinig tegenspraak. Hij trad hard op wanneer men het met hem oneens durfde te zijn. Ook Jozef Stalin (1879-1953) liep daar die dag rond. Hij kreeg het in 1924 voor het zeggen in de USSR. Bij ons in het westen heeft hij een slechte naam, vanwege de verschrikkingen die hij onder zijn onderdanen aanrichtte. Miljoenen mensen werden tijdens zijn bewind vermoord. Niet iedere Rus is het echter met ons oordeel eens.
Die dag in augustus hadden de twee look alikes van Lenin en Stalin over belangstelling niet te klagen.

(Muziek: Tsjaikovsky - De Notenkraker of Het Zwanenmeer; Rimski Korsakov - Shéhérazade)

USSR, de Unie van Socialistische Sovjet Republieken, kortweg de Sovjetunie. 

 

Andere tijden
In 1838 werd er begonnen met de bouw van de Christus Verlosserkathedraal in Moskou. Deze kathedraal werd gebouwd ter herdenking van de Russische zege over de Grande Armée van Napoleon. Het was in die tijd de grootste orthodoxe kerk ter wereld. Deze kathedraal waar voor het interieur bijna een halve ton goud, evenals kostbare edelstenen werden gebruikt, bood plaats aan tienduizend gelovigen.
Maar het kan verkeren.
In 1931 liet Stalin de kerk opblazen, om op deze plek een gigantisch Paleis van de Sovjets te laten verrijzen. Het zou een meer dan 300m hoge toren worden, met daarop een 100m hoog beeld van Lenin. Op dit oude fundament is echter nooit het nieuwe symbool van de communistische heerschappij verschenen.
Chroetsjov (1894-1971) heeft er in de vijftiger jaren van de 20de eeuw maar een openluchtzwembad laten aanleggen. Dit bad was zeer geliefd bij de inwoners van Moskou. Helaas tastten de dampen ervan – het was een verwarmd bad – de kunstverzameling van het Poesjkinmuseum aan. Toen er ook geen middelen waren om een dringende renovatie uit te voeren, sloot men in 1993 het zwembad.
En kijk nu eens wat we vanaf 1997 op die plek aantreffen?

De wederopbouw van de kathedraal in de jaren 1990 werd niet door iedereen omarmd. Het was immers een soort prestigeobject, dat miljoenen roebels zou gaan kosten. Velen vonden dat dat geld wel beter besteed kon worden. Ze werden gesust, de wederopbouw zou niet uit de algemene middelen worden gefinancierd. Maar uiteindelijk gebeurde dat wel. Gezien de armoede van veel Moskovieten stuitte dit op grote weerstand.
Maar goed, de Verlosserkathedraal is als een feniks verrezen uit zijn as.
Ook aan de geschiedenis van de Christus Verlosserkathedraal zien we, dat Rusland een autoritaire traditie kent.
Poetin heeft natuurlijk het een en ander overgenomen van de voormalige Sovjetleiders. Maar ik noem hem bij deze kathedraal, omdat Poetin in gelovig opzicht meer overeenkomsten vertoont met de tsaren. Wat hem namelijk onderscheidt van zijn communistische voorgangers is zijn hechte band met de Russisch-orthodoxe kerk.

Het standbeeld van tsaar Alexander II (1818-1881) bevindt zich in een kleine tuin tegenover de kathedraal van Christus de Verlosser. Deze tsaar schijnt bij de officiële opening van de oorspronkelijke kerk aanwezig te zijn geweest.
De Moskouse regering reserveerde 60 miljoen roebel voor zowel het ontwerp en de uitvoering van het werk, alsook het plaatsen en het inrichten van het gebied rondom het beeld.
Sinds 1990 was Alexius II patriarch van Moskou (en heel Rusland) en hij stond aan het hoofd van ongeveer 100 miljoen gelovigen.  

Na de val van de Sovjet-Unie en onder het leiderschap van Alexius II groeide de Russisch-Orthodoxe Kerk sterk onder de Russische bevolking.
In het westen werd er niet altijd even positief over hem gesproken, omdat hij de tolerantie jegens homoseksueel gedrag bekritiseerde en demonstraties van homo’s typeerde als reclamecampagnes voor immoreel gedrag.
Patriarch Alexius II voerde in 2005 de wijding van het monument van Alexander II uit.



Aan weerszijden van dit standbeeld staan ​​twee kolossale leeuwen op wacht. Het beeld zelf staat op een zwarte basis voor een halfronde boog met vier kolommen. De plaquette aan de voet van het standbeeld verwijst naar 1861, het jaar waarin tsaar Alexander II de lijfeigenschap beëindigde. In een inscriptie staat vermeld dat hij ‘miljoenen boeren bevrijdde van eeuwenlange slavernij’.
Naast nog wat andere verheerlijkende teksten staat er ook het jaar 1881 genoemd. Dat is het jaar waarin Alexander II werd vermoord.

 

Sergiev Posad (1)
De heilige Sergius (geboren omstreeks 1314) ging, toen hij 23 was, in afzondering leven.
Zijn ouders waren gestorven en hij had een broer die monnik was. Maar hij wilde niet in een klooster, hij haalde zijn broer over om een betere, meer afgelegen plek te zoeken.
Sergius leidde een ascetisch leven en vulde zijn tijd met werken en bidden. Zijn broer en hij bouwden een kleine cel en een kerk gewijd aan de Drie-eenheid, diep in de bossen. Na enige tijd vertrok zijn broer naar een klooster in Moskou en Sergius bleef alleen achter. Het duurde echter niet lang, voor andere monniken hem kwamen opzoeken en vroegen om hun leider te worden. Ook boeren en burgers kwamen naar hem toe om zijn zegen te ontvangen en hem om raad te vragen.
Fascinerend, vind ik. Niet alleen wat Sergius deed en hoe inspirerend dat was. Maar meer nog, dat je overal ter wereld dit soort verhalen over spirituele leiders tegenkomt. Ze leiden steeds een sober leven en hun contacten met de buitenwereld blijven tot het uiterste beperkt. Tóch, of juist daardoor, vormen ze een voorbeeld voor monniken en leken.
In het geval van Sergius bleef het aantal monniken groeien en niet ver van de plek waar hij verbleef ontstond een posad, die zou uitgroeien tot de stad Sergiev Posad.



Wij bezochten in 2016 het fraaie Sergiev Posad, zo'n 70 km ten noorden van Moskou. Het is een van de steden op de zogenaamde Gouden Ring.
De stad is vooral bekend door het Troitse-Sergieva Lavra, het klooster dat hier in de 14de eeuw door de heilige Sergius van Radonezj werd gesticht. Dit klooster is een van de grootste en belangrijkste in het land. Vandaar ook de titel 'lavra'. Het is een enorm complex met zeer fraaie bouwwerken.
Abramtsevo
Ik moet eigenlijk nog een keertje terug.
Ik had namelijk ook heel graag een kijkje genomen in Abramtsevo, dat hier dichtbij ligt. Een landgoed waar tussen 1843 en 1917 vele Russische kunstenaars hebben gewoond en gewerkt. Ik heb er veel over gelezen en er in sommige lezingen mijn bezoekers over verteld, maar ben er zelf (nog) nooit geweest. En in 2016 werd er druk gerestaureerd, vertelde men ons, en was het niet de moeite waard om er naartoe te gaan. Jammer. Ik had graag mijn voetsporen toegevoegd aan die van Michael Vroebel, Vasili Polenov, Viktor Vasnetsov en bijv. Valentin Serov.

Een posad was een nederzetting, die vaak omringd was met bolwerken en een slotgracht. Hier woonden meestal ambachtslieden en handelaren. Veel posads zijn door de eeuwen heen door brand verwoest, omdat ze van hout waren.

Michail Vroebel (1856-1910) was een Russische kunstschilder en beeldhouwer. Hij werd gerekend tot de stroming van het Russische symbolisme. Een belangrijk thema in zijn schilderijen is de demon.
Vasili Polenov, kunstschilder, was een van de leden van de realistische schildersgroep Peredvizjniki (De Zwervers). Hij schilderde vooral historische taferelen, landschappen en genrestukken.
Viktor Vasnetsov was eveneens een schilder van De Zwervers. Wij kennen hem misschien echter nog wel beter van het illustreren van sprookjesverhalen. Daarmee verwijderde hij zich echter van de thematiek van De Zwervers, die juist realistische schilderijen wilden maken. Hij ontwierp en bouwde ook het boerenhutje op kippenpoten, uit het verhaal over de heks Baba Jaga.
Tot de groep van De Zwervers hoorde ook Valentin Serov. Hij werd o.a. beïnvloed door Ilya repin en Michael Vroebel. Wij kennen hem vooral van de vele prachtige portretten die hij heeft geschilderd.
 

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

Baba Jaga

Een Russisch volkssprookje over een heks

Er leefde eens een oude man met zijn vrouw; hij werd weduwnaar en trouwde opnieuw, maar van de eerste vrouw had hij een meisje overgehouden. De boze stiefmoeder hield niet van haar, sloeg haar en overlegde bij zichzelf hoe ze haar helemaal kon laten verdwijnen. Eens ging de vader op reis. Toen zei de stiefmoeder tegen het meisje: "Ga naar je tante, mijn kind, en vraag haar een naald en een draad om voor jezelf een hemdje te naaien." Maar die tante was de Baba Jaga Knokig Bot.
Het meisje was echter niet dom en ging eerst naar haar eigen tante. "Dag, tante." - "Dag, kindje. Waarom ben je gekomen?" - "Moeder stuurt me naar haar zuster, om daar een naald en een draad te vragen - ik moet er een hemdje mee naaien." Toen gaf de tante haar deze raad: "Daar zal een berkenboompje in je ogen slaan, nichtje - bind er een lintje om. Een poort zal daar knarsen en dichtslaan - giet wat olie op de scharnieren. Daar zullen honden je aanvallen - gooi hun brood toe. Daar zal een kater je ogen willen uitkrabben - geef hem wat ham."
Het meisje ging op weg; ze liep en liep en kwam bij een hutje; en daarin zat de Baba Jaga Knokig Bot te weven. "Goedendag, tantetje." - "Goedendag, nichtje." "Moeder stuurt me om u een naald en een draad te vragen - ik moet een hemdje naaien." - "Goed. Ga intussen zitten weven." Het meisje zette zich aan het weefgetouw, maar de Baba Jaga ging naar buiten en zei tegen haar dienstmeid: "Ga het badhuis stoken, en was mijn nicht zoals het hoort. Morgen wil ik mijn ontbijt met haar doen." Het meisje zat er meer dood dan levend bij, en smeekte de meid: "Goede vrouw, steek minder hout in brand, giet er water overheen en breng het water in een zeef." En ze gaf haar een doekje ten geschenke.
Intussen stond de Baba Jaga te wachten; ze ging naar het raam en vroeg: "Weef je, nichtje, weef je, liefje?" - "Ik weef, tantetje, ik weef, lieve." De Baba Jaga ging weer weg van het raam. Maar het meisje gaf ham aan de kater en vroeg hem: "Is het mogelijk hier weg te komen?" - "Daar heb je een kam en een handdoek," zei de kater. "Neem ze en loop hard. De Baba Jaga zal je achterna komen, maar dan moet je je oor op de grond leggen en luisteren of ze dichtbij is. Werp in dat geval eerst de handdoek op de grond - die wordt een brede, brede rivier. En als de Baba Jaga de rivier oversteekt en je blijft achtervolgen, moet je weer je oor op de grond leggen. Wanneer je dan hoort dat ze al dichtbij is, gooi je de kam weg - hij wordt een dicht, dicht bos; daar komt ze niet doorheen."
Het meisje nam de handdoek en de kam en liep weg. De honden wilden haar bijten, maar zij wierp hun brood toe, en ze lieten haar gaan. De poort wilde dichtslaan, maar ze goot olie op de scharnieren, en ze liet haar gaan. De berkenboom wilde haar de ogen uitsteken, maar zij bond er een lintje om, en de berk liet haar gaan. Intussen zat de kater aan de weefstoel, en haalde de draden meer door elkaar dan dat hij weefde. De Baba Jaga kwam bij het raam en vroeg: "Weef je, nichtje, weef je, liefje?" - "Ik weef, tante, ik weef, lieve," antwoordde de kater met een grove stem.
De Baba Jaga snelde de hut in en zag dat het meisje weg was. Ze sloeg de kater en schold hem uit omdat hij het meisje niet haar ogen had uitgekrabd. "Hoe lang dien ik je nu al," zei de kater, "en je hebt me zelfs geen beentje gegeven, maar van haar heb ik ham gekregen." De Baba Jaga raasde tegen de honden, tegen de poort, tegen de berk en tegen haar dienstmeid, ze schold ze uit en sloeg ze. Maar de honden zeiden: "Hoe lang dienen we je nu al niet, en je hebt ons zelfs geen aangebrand korstje toegeworpen, maar zij heeft ons brood gegeven." De poort zei: "Hoe lang dien ik je nu al niet, en je hebt zelfs geen water op mijn scharnieren gegoten, maar zij heeft er olie op gedaan." De berk zei: "Hoe lang dien ik je nu al, en je hebt nooit ook maar een draadje om me heen gedaan, maar zij heeft een lintje om me gebonden." En de meid zei: "Hoe lang dien ik je nu al niet, en je hebt me zelfs geen vodje gegeven; maar zij heeft me een doekje cadeau gedaan."
Baba Jaga Knokig Bot ging vlug in een vijzel zitten, dreef die aan met de stamper, veegde haar sporen uit met de bezem en snelde achter het meisje aan. Maar dit legde haar oor op de grond en hoorde dat de Baba Jaga haar achtervolgde en al dichtbij was. Toen nam ze de handdoek, wierp die op de grond, en er ontstond een brede, brede rivier. De Baba Jaga reed tot aan de rivier en knarsetandde van woede. Ze keerde naar huis terug, nam haar ossen mee en dreef ze naar de rivier. De ossen dronken de hele rivier leeg, en de Baba Jaga hervatte de achtervolging. Het meisje legde haar oor op de grond en hoorde dat de Baba Jaga dichtbij was. Toen wierp ze de kam op de grond en deze werd een schrikwekkend dicht bos. De Baba Jaga begon er aan te knagen, maar hoe hard ze ook knaagde, ze kon er niet doorkomen.
Intussen was de oude man thuisgekomen. Hij vroeg: "Waar is mijn dochter?" - "Ze is naar haar tante gegaan," zei de stiefmoeder. Een beetje later kwam ook het meisje er hard aanlopen. "Waar ben je geweest?" vroeg haar vader. "Ach, vadertje," zei ze, "zo en zo - moedertje heeft me naar tante gezonden om een naald en een draad te vragen - ik moest een hemdje naaien. Maar die tante is de Baba Jaga, en ze wilde me opeten." - "Hoe ben je weggekomen, dochtertje?" - "Dat is zo gegaan..." vertelde het meisje. En toen de oude man alles had vernomen, werd hij zo boos op zijn vrouw dat hij haar doodschoot.

"Russische volkssprookjes" verzameld door A.N. Afanasjew. Uitgeverij Het Spectrum, Utrecht/Antwerpen, 1980. ISBN: 90-274-0919-6

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *


Sergiev Posad
(2)


Als je daar in het Lavra van Sergiev Posad rondloopt, kijk je je ogen uit.
Dit is de Maria Hemelvaartkathedraal.Het wordt ook wel De Kathedraal van de Maria-Tenhemelopneming genoemd, maar dat komt natuurlijk op hetzelfde neer.
Deze kathedraal, in 1559-1585 gebouwd in opdracht van Ivan de Verschrikkelijke, is veel groter dan de gelijknamige kathedraal in het Kremlin van Moskou die er model voor stond.
In de kathedraal werd onder andere Boris Godoenov begraven.

Boris Godoenov was de machtigste man van Rusland aan het eind van de 16e eeuw en tsaar van 1598 tot 1605.

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

 

Trein Sergiev Posad - Moskou
Er zouden heel weinig treinen rijden op dit traject, maar dat bleek niet te kloppen. Treinen genoeg, maar dan moest je genoegen nemen met de trein die de plaatselijke bevolking ook neemt. Eentje met houten banken en met ramen waar het regenwater een beetje door naar binnen liep.
Tijdens de rit vormden zich geleidelijk aan plassen op het middenpad.
We zaten wat om ons heen te kijken toen de deur openging en er een dame met een soort weekendtas de coupé binnenliep. De tas werd geopend en ze liet enkele paren lekker warme sokken zien. De vrouw vóór ons toonde belangstelling. Deze trok haar portemonnee, mocht de sokken even betasten, keurde ze goed en betaalde.
Bij het volgende stationnetje verliet onze sokkenverkoopster de trein.
Zij was echter niet de enige.
Onderweg kon je alle mogelijke 'nuttige' voorwerpen aanschaffen. De verkoopsters liepen af en aan met zeisjes en kousjes, borduurwerk en tafelkleedjes, borstels en sleutelhangers en prezen hun handelswaar luidkeels aan.


 

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

Moskou - Vladimir
Terug in Moskou hebben we het laatste uren van de dag doorgebracht met wandelen en eten.
Én vallen, trouwens.
Budapest Hotel, waar we een paar nachten doorbrachten, was een oud gebouw, met veel hout, hoge plafonds en zware gordijnen. Gedateerd, maar sfeervol en gunstig gelegen. De straat ervoor was gedeeltelijk opgebroken, de stoep verzakt. ’s Avonds trok de rode verlichting van Aurora, een nachtclub vlakbij, mijn aandacht. Evenals het publiek trouwens, veel jonge mannen. Vóór ik het wist, lag ik op de stoep.
In het centrum van Moskou was men druk doende met allerlei bouwwerkjes. We zouden misschien later wel zien wat het resultaat was geworden. Na een aantal dagen Gouden Ring zouden we opnieuw terugkeren naar Moskou.
Gouden Ring - Vladimir
Om 5 uur de volgende morgen stonden we op om op tijd naar Vladimir te kunnen vertrekken. Eerst te voet, vervolgens met de metro en tenslotte per trein.
Vladimir is de middeleeuwse hoofdstad uit het noordoosten. Vroeger was het een fort, met machtige aarden wallen.
Eén van de mooie, oude gebouwen hier was de Maria-Hemelvaartkathedraal (1158-1160). In de 12de eeuw kwamen vaklieden van heinde en verre om een steentje bij te dragen aan de bouw en het verfraaien van dit, toen grootste, bouwwerk in Rusland. Veel Russische vorsten zijn hier gekroond.
Een schitterende kathedraal, zowel van binnen als van buiten.

 

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

Moskou - Vladimir (2)
Die hotels onderweg leverden soms komische ervaringen op.
In mijn vorige bijdrage vertelde ik over het Budapest Hotel in Moskou. Een sfeervol hotel, gunstig gelegen, echter wel een beetje vergane glorie.
De werkzaamheden in de straat van het hotel zouden geluidsoverlast kunnen geven, werd ons verteld. Aangezien de werkzaamheden ’s avonds ook doorgingen, kregen we bij aankomst in het hotel een stel oordopjes overhandigd. (Het viel trouwens reuze mee.)
Inmiddels zijn we in Vladimir gearriveerd en ook hier werden we in het hotel verrast. We namen de lift naar de verdieping waar onze kamer lag. Toen we de lift uitstapten, struikelden we over de rommel. (zie foto). Her en der ontwaarden we portretten van beroemde Russen. Welkom in Vladimir!
Eerlijk is eerlijk: ’s Avonds om een uur of negen hoorden we wat gestommel op de gang. Alles werd toen afgevoerd en de volgende morgen zag het er stukken netter uit. Toen kwam de weelderige, zalmkleurige vitrage ook veel beter tot z’n recht! :-)


 

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

Vladimir - Reliëfs
De Kathedraal van de Heilige Demetrius, ook wel Dmitri-kathedraal genoemd, is een Russisch-orthodoxe kathedraal in datzelfde Russische stadje Vladimir. Een juweeltje.
Wanneer deze kerk precies werd gebouwd is niet bekend. Het was in elk geval in de periode rond 1200, toen Vladimir een welvarende plaats werd.
Oorspronkelijk moet deze kerk omgeven zijn geweest door galerijen en verbonden met het prinselijk paleis. Daarvan was nu niets meer te zien.
Na 1917 mocht hij niet meer als kerk worden gebruikt, maar ook de bolsjewieken zagen er de culturele waarde wel van in en daarom werd het gebouw niet gesloopt.
Wij hebben de binnenkant niet bekeken, maar hebben langere tijd om de kerk gedwaald, vanwege de prachtige reliëfs op de buitenkant. De tekst van psalm 150b ‘Alles wat adem heeft love de Heer’ lijkt een vorm van uitleg van wat we uitgebeeld zagen: Leeuwen, griffioenen, vogels, prachtige pilaren en uiteraard Bijbelse scènes.
Hieronder staan nog twee voorbeelden.

 
 

 

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

The Russians love their children too

Hoezo een nieuwe Koude Oorlog?
Russische ouders willen ook, dat hun kinderen onbezorgd en in vrede kunnen spelen en opgroeien.

(Muziek: Sting - Russians)

 

Dit leek ons een kinderopvang of kleuterschool te zijn, alhoewel sommige kinderen al best groot waren. Maar kinderen hoeven hier ook pas naar school als ze 7 worden. Vanaf dat moment gaan ze minstens acht jaar naar school, tot ze hun basisdiploma hebben.
De school begon om 8 uur 's ochtends en duurde tot 1 of 2 uur 's middags. Daarna waren er nog allerlei naschoolse activiteiten, zoals dansen, sport of schilderen.
We hadden graag met een van de leidsters hier willen praten, maar ze vonden ons maar pottenkijkers! :-)

 

Peter en de wolf

Peter en de wolf is een muzikaal sprookje van Sergej Prokofjev voor spreekstem en orkest. Het stuk ging in 1936 in Moskou in première en is wereldwijd zeer succesvol geworden. Prokofjev schreef het stuk in opdracht van een jeugdtheater in Moskou. De muziek moest simpel en verstaanbaar zijn, en dus aantrekkelijk voor kinderen, maar ook voor communistische idealisten

Er was eens een jongetje dat Peter heette. Op een vroege morgen opende hij het tuinhek en liep de grote, groene wei in. Op de tak van een hoge boom zat Peters beste vriendje, een vogeltje, en het tsjilpte: "Het is hier heerlijk rustig." En dat was het.
Maar daar kwam ook een dikke eend aangewaggeld. Ze was blij dat Peter het hek had opengelaten, want ze had zin in een duik in de vijver.
Toen het vogeltje de eend zag, vloog het naar beneden en ging naast haar in het gras zitten.
"Wat ben jij nou voor vogel dat je niet kunt vliegen?" vroeg het vogeltje.
"Kwaak!" riep de eend. "En wat ben jij voor vogel dat je niet kunt zwemmen?" En ze plonsde de vijver in.
Ze kibbelden en kibbelden en hielden niet op; de eend in de vijver en het vogeltje fladderend langs de waterkant.
Opeens zag Peter een kat, die langzaam kwam aansluipen door het gras. De kat dacht: Als het vogeltje zo aan het kibbelen is, kan ik 't makkelijk vangen en opeten! En op zijn zachte pootjes sloop hij eropaf. Maar Peter riep: "Kijk uit!" En gelukkig vloog het vogeltje op tijd de boom in.
Vanuit het midden van de vijver kwaakte de eend brutaal naar de kat. Daar was ze veilig. De kat keek nog eens naar het vogeltje in de boom en dacht: Is het wel de moeite waard om naar boven te klimmen? Als ik bij het vogeltje ben, dan is het al gevlogen. Miauw!
Toen kwam opa naar buiten. Hij was heel boos, omdat Peter zomaar was weggelopen. "Stel je nou eens voor dat er een grote boze wolf was gekomen, wat had je dan gedaan?"
Peter luisterde niet eens naar zijn opa, want hij was helemaal niet bang voor wolven. Maar opa dacht er anders over. Hij nam Peter mee naar huis en deed het hek heel goed op slot.
Maar... het hek was nog niet dicht of uit de bosjes kwam iets aangeslopen. Het was een grote, enge dikke, boze wolf...
In een flits zat de kat in de boom. De eend in de vijver kwaakte en kwaakte, en van de opwinding kwaakte zij zichzelf uit de vijver. De wolf kwam steeds dichterbij, en wat de eend ook probeerde, ze kon niet aan hem ontsnappen. In één hap slokte de wolf de eend naar binnen.
Het vogeltje zat ook nog steeds in de boom - niet te dicht bij de kat, natuurlijk - en onder de boom sloop de wolf heen en weer. Met grote, hongerige ogen gluurde hij naar de kat en het vogeltje.
Intussen stond Peter achter het hek en bekeek de wolf eens goed, want bang was hij nog steeds niet.
Toen ging Peter naar de schuur, haalde daar een stuk touw en klom op de tuinmuur. Over die muur hing een tak van de grote boom. Peter pakte de tak beet en klom de boom in.
"Vogeltje, ga jij eens naar de wolf," zei hij, "en probeer hem af te leiden. Maar zorg er wel voor dat hij je niet te pakken krijgt!"
En dat deed het dappere vogeltje. De wolf hapte woedend naar hem en - oei! - hij kreeg bijna een vleugeltje te pakken. Woest werd de wolf, omdat het vogeltje veel slimmer was dan hijzelf.
Intussen maakte Peter een lus in het touw en liet die langzaam uit de boom naar beneden zakken. Hij zorgde ervoor dat de staart van de wolf in de lus kwam en toen trok hij hard aan het touw. De wolf schrok en probeerde zich los te trekken. Hij rende woedend heen en weer, maar Peter had de andere kant van het touw vastgebonden aan de boom. Hoe harder de wolf tekeerging, des te strakker werd de lus vast getrokken. De wolf was gevangen!
Op dat moment kwam er een groepje jagers uit het bos. Ze waren het wolvenspoor gevolgd en dachten net: We schieten hem neer! "Niet doen! Niet schieten!" riep Peter, toen hij hen zag. "Het vogeltje en ik hebben de wolf gevangen. Jullie moeten ons helpen om hem naar de dierentuin te brengen."
En daar gingen ze dan, in een vrolijke optocht. Peter liep natuurlijk voorop. Daarachter kwamen de jagers met de wolf aan een touw. Opa en de kat sloten de rij. Opa bleef maar mopperen: "Stel je nou toch eens voor dat Peter de wolf niet had gevangen, wat zou er dan met ons gebeurd zijn?"
Boven de optocht vloog het vogeltje. Hij tsjilpte blij: "Peter en ik zijn echte helden, want wij hebben de wolf gevangen. Tsjilp, tsjilp!" En als je heel goed luisterde, kon je de eend horen kwaken in de buik van de wolf. Want die had zo'n haast gehad, dat hij de eend levend had opgeslokt!

 

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

Blini
Eén van de Russische gerechten die we vaak bij het ontbijt geserveerd kregen, waren Blini. Een soort pannenkoekjes, van een beslag van eieren, suiker, zout, bloem en melk. Daarvan werden de kleine, ietwat dikke blini gebakken.
 

Fernweh - Tserkov Pokrova na Nerli
Op elke reis die we maken komen we op plekken, die een diepe indruk maken. Als ik later de foto’s terug zie, dan bekruipt me een gevoel van ‘fernweh’. Dáár zou ik nog eens naar terug willen.
Eén van die plekken tijdens deze reis was De Kerk van de Bescherming van de Moeder Gods aan de Nerl (Russisch: Tserkov Pokrova na Nerli). Het is een Russisch-orthodox, wit kerkje en een van de belangrijkste overblijfselen van de oud-Russische bouwkunst.
We namen een taxi naar Bogoljubowo, dat zo’n 10 km ten noordoosten van Vladimir ligt. En daar begon onze wandeling van enkele kilometers over het Russische platteland. Een pad door de weilanden leidde ons naar de rivier de Nerl. Vanuit het groene landschap zagen we het kerkje al lange tijd liggen.
Als je in juni bij de oude monding van de Nerl aankomt, zoals wij, dan zie je het witte kerkje op een kleine heuvel boven het water uitsteken. In het voorjaar is het hier veel natter en dan schijnt het te lijken alsof de kerk op het water drijft.
De wandeling er naartoe was prachtig. Fluitende vogels, kwakende kikkers, nauwelijks andere mensen. Rust alom.
Toen we terug liepen pakten donkere wolken zich samen. We liepen stevig door, en slaagden er gelukkig in om in Bogoljubowo een bus te vinden die ons terug kon brengen, naar Vladimir.
 

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

Suzdal (1)

Suzdal; wat is een kremlin?
Van Vladimir naar Suzdal (of Soezdal) was een uurtje rijden. Hier verbleven we in Hotel Kremlin. Jaja! Dat klinkt misschien indrukwekkend, maar het heeft weinig te maken met Het Kremlin in Moskou, waaraan je misschien denkt.
De meeste Russische steden hadden vroeger geen stadsmuren; alleen het centrale gedeelte, waar zich de belangrijkste paleizen van de vorsten (of adel) en religieuze gebouwen bevonden, werd met muren beschermd. En dat deel noemen we een kremlin.
Suzdal is een van de oude steden met een kremlin. Het is een prachtig, authentiek stadje. Niet ontsierd door fabrieksterreinen of lelijke woontorens. Een stadje uit een Russisch sprookje lijkt het. Met veel kerken en kloosters, rijk versierde houten huizen uit de 19de en begin 20ste eeuw en gezellige marktjes.  


De Maria Geboortekathedraal van Suzdal
In een bocht van de rivier de Kamenka, op een verhoging in het landschap, zie je het Kremlin van Suzdal liggen.
Van deze ooit indrukwekkend plaats uit de 11de eeuw met z’n 1400m lange wallen, talloze torens en kerken is nauwelijks iets bewaard gebleven. Toen we hier rondliepen (en een groep luidruchtige Chinezen naar elders was vertrokken), hoorden we enkel nog het gekraai van de hanen, afkomstig van de omliggende boerderijen.
Uit latere perioden zijn er op dit terrein wel een aantal interessante bouwwerken bewaard gebleven, zoals de residentie van de bisschop en de Maria Geboortekathedraal.
Deze laatste is rond 1225 gebouwd, maar heeft sinds die tijd uiteraard talrijke veranderingen ondergaan. Tóch zijn er nog details van de oorspronkelijke beschildering bewaard gebleven, evenals fresco’s uit de 15de en 16de eeuw. Deze zijn gerestaureerd, volgens sommige deskundigen in te harde kleuren. Niettemin was ik onder de indruk, door de bijzondere sfeer van deze eeuwenoude fresco’s in combinatie met de religieuze muziek die er ten gehore werd gebracht.
Verder geven de beroemde gouden deuren uit de 13de eeuw glans aan het west- en zuidportaal. Wat een prachtige voorbeelden van Russische goudbewerking. Er is een vlakverdeling op aangebracht met daarin scènes uit het leven van Christus en Maria. In de onderste vlakken vervullen mythologische dieren zoals draken en griffioenen de rol van wachters.


Detail van een van de gouden deuren
van de Maria Geboortekathedraal.
 

Het wonderpaard en de prinses (Sifka-Boerka)

Een oud Russisch mystiek sprookjesverhaal

Een oude man, die drie zoons had, lag op zijn sterfbed. Daar gaf hij hun de volgende opdracht: "Na mijn dood moeten jullie drie nachten aaneen bij mijn graf komen en mij brood brengen."
De eerste twee nachten, toen het de beurt was van de oudste en de middelste zoon om naar het graf te gaan, droegen zij dit op aan de jongste Iwan-de-dwaas, 'half uit luiheid en half uit vrees', zoals het verhaal zegt. De oudste twee zoons waren slim en trots en werkten in het bedrijf van de vader, maar de jongste ging graag naar het bos en zat voorts op de kachel.
Zo gebeurde het dus, dat de jongste zoon de drie achtereenvolgende nachten na de begrafenis naar het graf van de vader ging en hem brood bracht. Omstreeks middernacht verscheen de vader aan Iwan, nam en at het brood en informeerde naar de toestanden in Rusland. Stereotiep gaf Iwan het antwoord: "Ik ben het, uw zoon. In Rusland is alles rustig."
De laatste nacht antwoordde de vader, nadat hij het brood gegeten had: "Jij alleen hebt mijn opdracht vervuld, want je bent drie nachten naar mijn graf gekomen. Ga nu het land in en roep: 'Sifka-Boerka, hopsa! Wijs paard, sta bij mij stil.' Dan komt er een paard aandraven. Kruip nu door zijn rechteroor erin en door zijn linkeroor eruit. Dan ben je een geweldige held geworden. Stijg dan te paard en rij weg."
In die tijd riep de Tsaar alle dappere, ongetrouwde helden naar zijn paleis om hun geluk te beproeven. Zijn dochter, de schoonste vrouw van het land, liet een toren bouwen van twaalf zuilen en twaalf verdiepingen. Boven in die toren nam zij plaats. De helden moesten haar met één sprong bereiken en haar kussen. Wie dit mocht gelukken - onverschillig zijn afkomst - zou de prinses tot vrouw krijgen en bovendien de helft van het Tsarenrijk.
Ook de oudste en middelste broers reden uit om hun kans te wagen. Toen zij weg waren, liep Iwan het veld in en sprak de toverformule uit, die zijn vader hem gegeven had. Plotseling verscheen er met angstige snelheid een vurig paard, dat bij Iwan stilhield en om bevelen vroeg. Zoals hem gezegd was, kroop de zoon door het rechteroor naar binnen en door het linkeroor eruit, veranderde in een edele held en reed naar het hof van de Tsaar.
De vorst verscheen te midden van de onafzienbare menigte en maakte de regels van de wedkamp bekend. Zodra de prinses boven in haar toren had plaats genomen, begonnen de helden op hun paarden te springen. Maar geen slaagde erin tot aan de bovenste verdieping te komen. De oudste en middelste broer bereikten zelfs niet de halve hoogte.
Maar daar kwam Iwan aan. De grond dreunde onder het geweld van de hoeven, vurige adem hijgde uit de bek van zijn paard. De eerste keer bereikte hij de tiende verdieping. Hij keerde zijn paard en stormde opnieuw en bereikte de elfde verdieping. Zonder aarzelen of zonder vermoeidheid te voelen, ondernam hij de derde poging, schoot als een vlam langs de twaalfde verdieping en kuste de schone prinses op de lippen. Bliksemsnel drukte zij haar zegel op Iwans voorhoofd af.
Terwijl de menigte juichend naar voren drong om de held te eren, was deze plotseling verdwenen.
Toen de broers thuis kwamen, lag Iwan reeds op de kachel met een lapje op zijn voorhoofd. Zij vertelden hem, hoe een held erin geslaagd was om met één sprong van zijn paard de twaalfde verdieping te bereiken en de prinses, de onvergelijkelijk schone, te kussen.
Iwan antwoordde: "Ben ik dat misschien geweest?" en toen zij hem uitjouwden, nam hij de lap van zijn voorhoofd, waar de prinses haar zegel gezet had. En eensklaps straalde de kamer van licht. De broers werden bang en zeiden: "Wil je de hut in brand steken?"
Intussen verkeerde de Tsaar in grote verlegenheid, daar de held spoorloos verdwenen was. Om te proberen hem te vinden, liet de vorst bekend maken, dat er de volgende dag een groot feest gegeven zou worden, waarop iedereen welkom zou zijn. Opnieuw stroomde er een talrijke menigte naar het paleis, bestaande uit vorsten en burgers, rijken en armen. Ook de drie broers bewogen zich tussen de mensenmassa.
De prinses hielp bedienen en ging rond met honingdrank, ondertussen scherp uitkijkend naar het voorhoofd met de zegelafdruk. Toen zij langs Iwan liep, vroeg zij hem, wie hij was en waarom hij een lap op zijn voorhoofd droeg. Zijn enige antwoord was, dat hij zich gestoten had. Doch de prinses trok de lap weg en ontwaarde de indruk van haar zegel.
Zij leidde Iwan naar de Tsaar, die schamper opmerkte: "Een mooie bruidegom, zo helemaal onder het roet."
Want Iwan was zó uit het huis weggelopen naar het feest. Hij vroeg echter verlof, zich te mogen wassen, ging naar buiten, floot zijn paard en veranderde opnieuw in de stralende held, die genade vond in de ogen van de Tsaar. Toen stond niets meer de bruiloft van Iwan en de onvergelijkelijk schone prinses in de weg.

Bron: "Oosterse verhalen en hun geheime betekenis" door W. van Beek. East-West Publications Fonds, 1968.

 

 

 

 

 

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

 

Suzdal (2)

Pokrowskij-klooster, Suzdal
Het Pokrowskij-klooster ofwel het Maria Beschermingsklooster is een nonnenklooster.
Dit witte complex zag er bijzonder schilderachtig uit, zeker zo over het water. We konden ons nu dan ook nauwelijks voorstellen dat het vroeger een verbanningsoord was voor vorstinnen en tsarina’s. De stichter van het klooster stuurde bijvoorbeeld zijn echtgenote hier naartoe, zogenaamd omdat zij hem geen troonopvolger schonk. Hij trad vervolgens binnen de kortste keren in het huwelijk met een jonge en knappe Poolse. Misschien dat dat laatste ook een ‘kleine’ rol heeft gespeeld?
En ook tsaar Peter de Grote dwong zijn eerste vrouw om hier non te worden.
Het klooster had vele landerijen in bezit, waarop ongeveer 7000 lijfeigenen aan het werk waren.
Toen wij hier in 2016 waren, troffen we een goed onderhouden klooster aan. We wandelden via de poort het kloosterterrein op en zagen niet alleen fraaie gebouwen, maar ook nonnen die met alledaagse bezigheden aan de slag waren. Zoals grasmaaien.

 

Maria Kleedafleggingklooster, Suzdal
In een klooster wordt uiteraard veel gebeden en gelezen. Maar of dit nu de bijbel is? Spannend was het in ieder geval wel, want deze mooie Russische vrouw merkte pas heel laat op dat er twee Nederlanders langsliepen. :-)
Rondom de stadsmuur van Suzdal bevond zich een ring van 15 kloosters, die niet alleen voor religieuze doeleinden was bedoeld. Gedeeltelijk vormde het ook een verdedigingswerk.
We liepen langs de muur van het Kleedafleggingsklooster onder een poort door die gevormd werd door twee ongelijke bogen met daarop twee bijzondere zadeldaktorentjes. De ommuring die ooit rood-wit gestreept was geweest, was aangetast door de tijd, verbleekt en afgebladderd. De gebouwen binnen de kloostermuren boden een wat treurige aanblik en stonden gedeeltelijk in de steigers.
Treurig? Ach, ik houd wel van gebouwen waaraan je de tand des tijds kunt aflezen. Soms doen ze me meer dan moderne, strakke architectuur.

 



Suzdal Posad
Na ons bezoek aan het Kremlin vervolgden we onze weg naar het voormalige handelscentrum, de Posad. We genoten met volle teugen van het Marktplein met gebouwen uit de 18de en 19de eeuw en de Opstandingskerk uit 1720. Deze kerk was in zeer slechte staat, al valt dat op de foto niet zo op. Wat een bijzondere combinatie is het toch, met die slanke klokkentoren, en op de toren van de kerk de bekende ui, maar daaronder ook weer een tentdak.
De oude handelshuizen gingen gedeeltelijk schuil achter de marktkraampjes, waar van alles te koop was. Hier hebben we kleurrijk beschilderd speelgoed gekocht voor onze kleinkinderen.
Toen we achter de kerk aankwamen, zagen we dat de handel hier nog doorging; in dit geval ging het om een traditioneel ‘marktje’, waar mannen en vrouwen hun eigen oogst en ingemaakte waren te koop aanboden. Zoals bessen, augurken, jam en paddestoelen.

               

Links: Het marktje achter de kerk
Rechts: Vladimir Yanaki 'A generous Autumn' / 'Een overvloedige herfst'


* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *
 

De Russische ziel
Ik weet niet hoe het jullie gaat, maar ik houd van Russische literatuur, evenals van Russische kunst en muziek. Onderweg bleven we vaak een tijdje in de kerken en kloosters van de Gouden Ring hangen om te luisteren naar de mooie, geestelijke muziek. Het waren magische momenten, wanneer we de Russische vrouwen met schort en hoofddoek de kaarsjes zagen aansteken en de glazen deksels van een kist of de iconen zagen kussen.
De volksmuziek was van een andere orde, maar daarom niet minder mooi. Ik herinner me met name de liederen van deze accordeonist die langs de kant van het pad naar het kremlin van Suzdal zat. Hij speelde en zong vol overgave hartstochtelijke liederen over liefde en vriendschap en over het Russische platteland.

 

Grote Raaf verkoopt zijn dochter voor een liedje

Toen Grote Raaf nog leefde zei hij op een keer tegen zijn vrouw Miti, dat hij naar het strand ging. Bij de kust aangekomen hoorde hij iemand zingen. Hij keek om zich heen en merkte al gauw een zeehond op die niet ver weg op het strand lag te zingen.
'Wat is dat een prachtig lied,"' zei hij tegen de zeehond. 'Verkoop het aan mij: ik geef je er mijn halve rendierkudde voor.'
'Ik heb je rendieren niet nodig,'antwoordde de zeehond.
'Goed,'zei Grote Raaf,'dan bied ik je mijn dochter Jinanoewt aan als je mij je liedje geeft.'
De zeehond nam dit aanbod aan en spuugde het lied in de mond van Grote Raaf uit. Hij volgde hem naar huis, waar Grote Raaf tegen Miti zei: 'Ik heb onze dochter aan hem hier beloofd in ruil voor een liedje.'
'Ik vind het best,'zei ze.
En zo gaven ze hun oudste dochter aan Zeehond die haar mee naar huis nam. Hij ontnam haar haar jas van rendiervel en liet haar een robbenvel aantrekken. Na een poosje begon hij al een hekel aan haar te krijgen en het duurde niet lang voordat hij haar met een mes toetakelde als hij boos op haar was of ruzie met haar zocht.
Grote Raaf daarentegen liep dag en nacht het lied van Zeehond te zingen en voelde zich zeer tevreden. Toch dacht hij soms aan zijn dochter en op een dag besloot hij haar een bezoek te brengen.
Toen hij Grote Raaf zag aankomen bond Zeehond de tong van het meisje met een pees vast, opdat zij haar vader niet zou kunnen vertellen hoezeer ze mishandeld werd. Door haar lichaam tegen dat van het ongelukkige meisje te wrijven nam de zuster van Zeehond de gestalte van Jinanoewt aan, zoals die er had uitgezien toen ze afscheid van haar vader had genomen. Zeehond gebood zijn zuster naast hem te gaan zitten, op de plaats van zijn vrouw. Het was nu erg moeilijk geworden om de echte dochter van Grote Raaf te herkennen, temeer daar ze in een zeehondenvel was gehuld en overal wonden en littekens vertoonde.
Bij zijn aankomst in de nederzetting werd Grote Raaf al meteen door de zeehonden voor het ongelukkige meisje gewaarschuwd.
'Pas op voor deze zeehond. Blijf uit haar buurt: ze bijt!'
Het meisje wilde naar haar vader gaan om hem te laten zien dat haar tong aan de wortel was vastgebonden, maar hij ontweek haar steeds weer. Bovendien sloegen de bewoners met messen naar haar handen en voeten. Toen ze zich opmaakten om naar bed te gaan, kreeg Grote Raaf opnieuw een waarschuwing te horen:
'Als die zeehond daar vannacht naar je toe zou kruipen, roep ons dan meteen: ze zou je met bloedige beten kunnen overdekken.'
Diezelfde nacht kroop het meisje naar haar vader toe. Ze pakte zijn hand en duwde die in haar mond, in de hoop dat hij haar tong zou losmaken. Hij begon echter te schreeuwen:
'Kijk nou eens. Ze wil mijn hand er af bijten!'
De zeehonden werden wakker en ranselden haar met stokken af.

De volgende morgen keerde Grote Raaf naar huis terug zonder iets in de gaten te hebben gekregen van wat zich daar werkelijk had afgespeeld. Hij zei tegen zijn huisgenoten:
'In dat zeehondendorp woont een of andere vrouw die aan handen en voeten snijwonden heeft. Ze zeggen dat ze bijt. In ieder geval beet ze bijna mijn hand er af.'
Ememkoet vermoedde dat het over zijn zuster ging en merkte op:
'Ik ga morgen naar dat zeehondendorp om uit te zoeken wie ze is.'
De volgende dag stond Ememkoet vroeg op, spande de rendieren voor zijn slee en reed weg. Bij zijn aankomst in het dorp werd hij onmiddellijk door de zeehonden gewaarschuwd:
'Kijk uit voor die vrouw daar! Ze eet mensen op, maar we geven haar flink slaag om te voorkomen dat ze zich op de mensen werpt.'
's Avonds herhaalde zich wat al eerder met Grote Raaf was gebeurd. Het meisje kroop naar haar broer, pakte zijn hand en stopte die in haar mond. Hij tastte in haar mond rond en voelde dat haar tong met een pees was vastgebonden. Hij maakte haar tong zo gauw mogelijk los, waarna ze hem fluisterend vertelde wat er gebeurd was:
'Ik ben je zusje Jinanoewt. Zodra ik hier was kregen de zeehonden een hekel aan mij. Ze namen mij m'n kleren af en dwongen me een ruwe zeehondenhuid aan te trekken. Ze slaan me voortdurend en hakken met hun messen in mijn handen. Ze hebben mijn tong vastgebonden om te verhinderen dat ik vader en jou zou vertellen hoe ik mishandeld ben.'
Ememkoet zei tegen zijn zusje:
'Luister, als ik morgen klaar sta om te vertrekken, werp jezelf dan op mijn slee en ik zal je naar huis rijden.'
Zodra hij de volgende ochtend opstond, begon hij voorbereidingen voor de reis te treffen. Zijn zuster probeerde in zijn buurt te blijven, terwijl de zeehonden haar steeds trachtten weg te jagen. Ememkoet greep toen in door te zeggen:
'Laat haar toch met rust. Ze valt me helemaal niet lastig.' Op het moment dat Ememkoet zijn zweep over de rendieren legde, wierp zijn zuster zich achter op de slee. En zo reed hij veilig met haar naar huis.
'Jij wordt ook een dagje ouder,'zei hij tegen zijn vader. 'Je hebt je dochter voor een liedje weggegeven en toen je haar opzocht, had je niet door dat ze misbruikt werd.'
Grote Raaf ontstak in woede over de zeehonden en voor straf verstopte hij al het zeewater. De zeebodem droogde uit en de zeehonden stierven wegens gebrek aan water. Zodra de dieren die zijn dochter mishandeld hadden gestorven waren, liet Grote Raaf die niet voor niets Maker heette het water weer de vrije loop. Hij wekte de andere zeedieren tot leven en zijn dochter bleef na dit boze avontuur weer bij hem wonen.

Rendierkorjakken, april 1901

Bron: 'Siberiese vertellingen', bijeengebracht en verteld door H.C. ten Berge, uitg. De Bezige Bij
 

Jekaterinenburg

Beelden in Jekaterinenburg
Het beeld van Tatisjtsjev en De Gennin in Jekaterinenburg deed me mijmeren over het ontstaan van deze stad (1723).
In 1672 werd de kleine nederzetting Sjartasj (of Sjartasjki)  gesticht door oudgelovigen, op de plek waar nu Jekaterinenburg ligt. Het ligt rond het Sjartasjmeer. Een mooi meer, dat zowel aantrekkelijk is voor vissers als voor dagjesmensen. Bij dit meer bevinden zich de Sjartasjkie rotstenten, een bijzondere rotsformatie, waar archeologen gebruiksvoorwerpen hebben gevonden uit de oudheid. De oudste dateren van 10.000 tot 9.000 v.Chr. Ik vermoed dat deze zich nu ergens in een archeologisch museum bevinden, waarschijnlijk in Jekaterinenburg, alhoewel ik niets heb gehoord over een historisch of archeologisch museum.
Tot 1700 was er van Jekaterinenburg nog geen sprake. De enig bekende activiteit was een kleine kopersmelterij aan de rivier, rond 1720. Wat zal het hier toen rustig zijn geweest. Hoewel die kopersmelterij niet goed draaide, stuurde tsaar Peter de Grote er toch een mijnbouwingenieur naartoe. Deze man, Tatisjtsjev, liet de fabriek verplaatsen naar de Isetrivier, maar kreeg een conflict met een industriemagnaat, Nikita Demidov.
Dedimov had in Nevjansk, op ongeveer 100 km ten noorden van Jekaterinenburg, al een aantal kopersmelterijen. Hij zat dus niet te wachten op concurrentie. Maar dat niet alleen. Hij had in 1702 van zijn vriend tsaar Peter de Grote het hele gebied rond de nederzetting cadeau gekregen en hij beschouwde zich dan ook min of meer als heerser over dit gebied. St.-Petersburg lag immers ver weg. Omdat Peter de Grote dit gedoogde, betaalde Demidov zélfs niet de gebruikelijke 10% belasting over zijn inkomsten.
 
Peter de Grote, Jekaterinenburg

Pottenkijkers als Tatisjtsejv kon hij dan ook missen als kiespijn. Demidov moest zien deze man kwijt te raken. Hij beschuldigde Tatisjtsejv van omkoping en raakte hierdoor ‘bevrijd’ van deze mijnbouwingenieur. Deze werd namelijk teruggehaald naar St.-Petersburg.

In 1723 werd de van oorsprong Nederduitse luitenant-generaal Georg Wilhelm de Gennin naar het gebied gestuurd om de kwestie nader uit te zoeken. Hij kwam erachter dat Tatisjtsjev zijn werk wel degelijk goed had gedaan. Tatisjtsejv kreeg daarop eerherstel. De Gennin gaf opdracht om een stad te bouwen op de plek waar Tatisjtsjev deze ook al had gepland.
De stad werd uiteindelijk vernoemd naar de vrouw van Peter de Grote, Catharina en naar haar patroonheilige (patroonheilige van de mijnbouw), ook Catharina geheten. Jekaterinenburg.
Nu staat er het monument op de foto, boven de titel, ter ere van de beide stichters van de stad.

    

In Jekaterinenburg zijn veel beelden en monumenten te vinden.
Bij het grootse Black Tulip War Memorial kun je je respect tonen voor de soldaten die tijdens de oorlog in Afghanistan en de Tsjetsjeense oorlog om het leven zijn gekomen.

                                                         Vladimir Iljitsj Lenin
Aleksandr Sergejevitsj Poesjkin (1799-1837), misschien wel
de grootste Russische dichter, staat hier zwierig in een park.

 Wat wij helaas hebben gemist is een veel buitenissiger monument, namelijk het Toetsenbordmonument. Hoe verzin je het?! Het is een beeld in de openlucht, met het QWERTY-toetsenbord. Het is in 2005 aan de oever van de Isetrivier geplaatst.
De toetsen F1, F2, F3 en Y zijn ooit gestolen, maar in 2011 opnieuw geplaatst.
Dankzij het toetsenbord ontstonden er prachtige verhalen. Er wordt bijvoorbeeld beweerd dat wanneer je je wens op het toetsenbord ‘typt’ en je vervolgens op ‘Enter’ springt, dat dan je wens zal uitkomen. Mocht je het allemaal niet meer zo zien zitten, en zou je je leven opnieuw willen beginnen, druk dan op ‘Ctrl, Alt, Del.’
Hoe simpel kan het zijn… :-)

 

* * * * * * * * * * * * * * * * * * * *     TOP   * * * * * * * * * * * * * * * * * * * * *

Cedar Gallery is een non-profit site. De gedichten, verhalen en overige teksten worden enkel gepubliceerd voor educatieve doeleinden, om mensen te informeren of te vermaken en met goede bedoelingen.
Het copyright op de afzonderlijke gedichten berust uiteraard bij de desbetreffende dichter en/of hun rechtsopvolgers. Hetzelfde geldt voor vertaalde gedichten/vertalers en andere teksten/schrijvers. Veel van ons materiaal krijgen we via de mail aangeleverd. We kunnen de rechthebbenden dan ook niet altijd achterhalen.
Als iets niet conform de regels voor copyright gebeurt, stuur ons dan een bericht, zodat we de tekst waarop dit betrekking heeft, zo spoedig mogelijk kunnen verwijderen. We garanderen dit binnen 100 uur te doen (afwezigheid vanwege vakantie of ziekte buiten beschouwing gelaten).

Cedar Gallery behoudt zich het recht voor na te gaan of de persoon die bezwaar aantekent daartoe gerechtigd is.

 

 

 

top | vorige